@ GGG038, Allemaal waar hoor. Maar sommige predikanten hebben heel erg veel ( mooie) woorden nodig om te verbloemen dat gedoopte kinderen in Gods genadeverbond zijn opgenomen. M.a.w. zij zijn het niet eens met de HC dat de kinderen evenals de volwassenen in het verbond van God en Zijn gemeente begrepen zijn.GGG038 schreef: ↑Vandaag, 10:17 Volgens mij maakt ds. Verschuure vooral onderscheid tussen het uitwendige verbondsvoorrecht en de inwendige, zaligmakende bediening van dat verbond door de Heilige Geest. Een gedoopt kind leeft op het erf van het verbond. Daar worden de beloften gepredikt, daar wordt Christus aangeboden en daar klinkt de ernstige én genadige roep: “Bekeert u en gelooft het Evangelie.” Maar om werkelijk in Christus te zijn, zijn wedergeboorte en geloof onmisbaar.
Daarom zie ik niet dat dit zonder meer afwijkt van Heidelbergse Catechismus vraag en antwoord 74 of van ons doopsformulier. HC 74 zegt dat de kinderen, evenals de volwassenen, in het verbond van God en in Zijn gemeente begrepen zijn, en dat hun door Christus’ bloed de verlossing van de zonden en de Heilige Geest, Die het geloof werkt, niet minder dan de volwassenen wordt toegezegd.
Ook het doopsformulier houdt volgens mij die twee lijnen bij elkaar. Enerzijds spreekt het zeer rijk over de doop, het verbond, de beloften en Gods trouw. Anderzijds begint het formulier met de belijdenis dat onze kinderen in zonde ontvangen en geboren zijn en daarom aan de verdoemenis onderworpen zijn. Juist daarom wordt er gebeden of de Heere deze kinderen door Zijn Heilige Geest wil regeren en in Christus wil doen wassen en toenemen.
Volgens mij is zijn punt dus niet dat de doop weinig betekent, of dat de gedoopte niets met het verbond en de beloften te maken heeft. Zijn punt is dat de doop een ontzaglijk voorrecht geeft en een ernstige roeping op ons leven legt, maar nooit de plaats mag innemen van de persoonlijke inlijving in Christus door de Heilige Geest. Daarom past bij een gedoopte geen rechthebbend pleiten, zoals hij dat in het gedeelde artikel afwijst, maar wel ootmoedig bidden: Heere, werk Uw genade ook in mij.
En dat is, voor zover ik hem beluister, ook wat zondag aan zondag in zijn prediking terugkomt: niet rusten in voorrechten, maar met alles wat God geschonken heeft aan Zijn voeten terechtkomen.
Gereformeerde Gemeenten
Re: Gereformeerde Gemeenten
Re: Gereformeerde Gemeenten
Ik heb ds. Verschuure inderdaad vaak gehoord, ook bij doopdiensten wel. Hij combineert een ruime voorstelling van Gods genade met een heel nauwe doopvisie.
Hij valt wat dat eerste betreft ruim binnen het midden van de GG en wat dat tweede betreft tuimelt hij er rechts buiten, om het maar even simpel te zeggen.
Hij valt wat dat eerste betreft ruim binnen het midden van de GG en wat dat tweede betreft tuimelt hij er rechts buiten, om het maar even simpel te zeggen.
Re: Gereformeerde Gemeenten
Als beelddenker moet ik even glimlachen om het idee. Het is wat met al dat gebalanceer.DDD schreef: ↑Vandaag, 10:58 Ik heb ds. Verschuure inderdaad vaak gehoord, ook bij doopdiensten wel. Hij combineert een ruime voorstelling van Gods genade met een heel nauwe doopvisie.
Hij valt wat dat eerste betreft ruim binnen het midden van de GG en wat dat tweede betreft tuimelt hij er rechts buiten, om het maar even simpel te zeggen.
Re: Gereformeerde Gemeenten
Het verschil is toch echt dat onze belijdenis de doop, het verbond en de verbondsbeloften bijeen houdt. Erf van het verbond lees ik daar niet. Denk dat in jullie optiek er geen verschil is tussen toezegging (in de belofte) en vervulling (Door het werk van Gods Geest, wedergeboorte, bekering en geloof) . Jullie lijken dat te vereenzelvigen.GGG038 schreef: ↑Vandaag, 10:17 Volgens mij maakt ds. Verschuure vooral onderscheid tussen het uitwendige verbondsvoorrecht en de inwendige, zaligmakende bediening van dat verbond door de Heilige Geest. Een gedoopt kind leeft op het erf van het verbond. Daar worden de beloften gepredikt, daar wordt Christus aangeboden en daar klinkt de ernstige én genadige roep: “Bekeert u en gelooft het Evangelie.” Maar om werkelijk in Christus te zijn, zijn wedergeboorte en geloof onmisbaar.
Daarom zie ik niet dat dit zonder meer afwijkt van Heidelbergse Catechismus vraag en antwoord 74 of van ons doopsformulier. HC 74 zegt dat de kinderen, evenals de volwassenen, in het verbond van God en in Zijn gemeente begrepen zijn, en dat hun door Christus’ bloed de verlossing van de zonden en de Heilige Geest, Die het geloof werkt, niet minder dan de volwassenen wordt toegezegd.
Ook het doopsformulier houdt volgens mij die twee lijnen bij elkaar. Enerzijds spreekt het zeer rijk over de doop, het verbond, de beloften en Gods trouw. Anderzijds begint het formulier met de belijdenis dat onze kinderen in zonde ontvangen en geboren zijn en daarom aan de verdoemenis onderworpen zijn. Juist daarom wordt er gebeden of de Heere deze kinderen door Zijn Heilige Geest wil regeren en in Christus wil doen wassen en toenemen.
Volgens mij is zijn punt dus niet dat de doop weinig betekent, of dat de gedoopte niets met het verbond en de beloften te maken heeft. Zijn punt is dat de doop een ontzaglijk voorrecht geeft en een ernstige roeping op ons leven legt, maar nooit de plaats mag innemen van de persoonlijke inlijving in Christus door de Heilige Geest. Daarom past bij een gedoopte geen rechthebbend pleiten, zoals hij dat in het gedeelde artikel afwijst, maar wel ootmoedig bidden: Heere, werk Uw genade ook in mij.
En dat is, voor zover ik hem beluister, ook wat zondag aan zondag in zijn prediking terugkomt: niet rusten in voorrechten, maar met alles wat God geschonken heeft aan Zijn voeten terechtkomen.
Er gaan er met twee verbonden verloren en met drie en er worden er met twee verbonden behouden en met drie. Prof. G. Wisse.
Re: Gereformeerde Gemeenten
Het is een definitiekwestie: wat versta je onder 'belofte'.