Erasmiaan schreef:Geka schreef:
Kortom; 1931 is niets meer of minder dan een keus voor een bepaalde legitieme verbondstraditie na de Reformatie, waarbij niet alleen de namen van Smytegeld en Comrie, maar ook namen als Olevianus, Boston en de Erskines genoemd kunnen worden. En ook iemand als R. Kok moet hierbij genoemd worden...
Ben je om?
Die reactie laat mij dit doen:
Maar nu even serieus:
1. In het topic waarnaar je verwijst heb ik ik volgens mij niets anders gesteld dan dat ik moeite heb met 1931 omdat
een deeltraditie van de Reformatie tot
de enige norm verheven is. Dat betekent dat er voor iemand die zich niet in 1931 kan vinden, maar wel volledig in de 3 FvE, geen plaats is in de GG. Daar had ik moeite mee, en daar heb ik nog steeds moeite mee. Ik vind het onjuist om
als kerkverband deze uitspraken te doen en bindend te verklaren voor de hele kerk.
2. Voorzover ik weet heb ik nooit ontkend dat de uitspraken van 1931 (ook al is de verwoording mogelijk niet altijd gelukkig) zeker kunnen worden gezien als de uitleg van
een oude deeltraditie rondom het verbond binnen de kerken van de Reformatie.
3. Wel heb ik meerdere keren aangegeven dat ik
persoonlijk de visie van Calvijn het meest Bijbels-evenwichtig vind.
En dan kan ik weliswaar de bedoeling van 1931 in de context van de tijd begrijpen, maar wil ik voluit blijven kunnen stellen (met ant 74 HC) dat de gedoopte kinderen in het verbond Gods begrepen zijn; en tegelijkertijd stellen met een verwijzing naar de DLR dat wedergeboorte ook voor een verbondskind letterlijk levensnoodzakelijk is.
4. Tot slot: mijn bijdrage in dit topic was er op gericht om aan te geven dat 1931 niet in een oorzakelijk verband met de visie van Steenblok gebracht kan en mag worden.
Beetje gerust gesteld zo?