Afgewezen schreef:geledu schreef:Het besef dat we door Gods voorzienigheid ergens een plaats hebben gekregen gaat steeds meer verdwijnen.
Als we problemen hebben met kerk of kerkenraad is het als eerste van belang om te onderzoeken of we zelf niet schuldig staan in deze , daarnaast zullen we biddend op de plek moeten blijven zitten , waar God ons zelf gesteld heeft.
Het argument van Gods voorzienigheid vind ik een non-argument. Dat we door Gods voorzienigheid ergens
zijn, betekent niet dat we daar moeten
blijven.
Het door dik en dun verdedigen van predikanten vind ik ook wat naÏef. Hoe kan ik er schuldig aan staan als mijn predikant snoepreisjes maakt maar van zijn preken niet veel bakt? O, heel nuttig hoor, die reisjes en zo, maar er zijn ook andere mensen die dat soort dingen kunnen doen. En o ja, dat hij niet goed preekt, komt natuurlijk doordat ik niet genoeg bid.
Sorry, maar zonder in een negativisme te behoeven vervallen, moet je niet alles goed willen praten wat niet goed ís.
De voorzienigheid Gods heeft ons wel ergens geplaatst.
Zelf bevestigen we door ons lidmaatschap o.a. aan die gemeente verbonden te willen blijven.
Want heeft het feit dat je lid bent dan niets te zeggen ?
Is het niets meer als een abonnement ? als we elders naar
ons gevoel beter kunnen kerken of waar de liefde meer gevoeld zou worden, is dat dan een reden om ons lidmaatschap maar op te vragen en bij de volgende gemeente lid te worden ?
Het verdedigen door dik en dun van predikanten dat is ook helemaal niet nodig.
Opbouwende kritiek zal zelfs verwelkomd worden.
Maar we mogen niet vergeten dat ze door God geliefd en aangesteld zijn.
Het zijn Zijn dienstknechten, dus enige terughoudendheid pas onzerzijds wel in het spuien van allerlei kritiek en verdachtmakingen.
Wel mag men ze altijd wijzen op Gods Woord en de schriften die daarop gegrond zijn.
We mogen en moeten ze wijzen op de invulling en de inhoud van het ambt zoals het in het formulier staat beschreven, als ze zich daaraan bewust of onbewust, niet houden.
Het is ook zo dat op het gebed grote wonderen gebeuren.
Ook in de kerkgeschiedenis zien we voorbeelden dat op het gebed van gemeenteleden predikanten op hun plaats werden gebracht of zelfs bekeerd werden.
Een bekende uitdrukking van een dominee is dan ook : Bid me maar vol , dan zal ik u vol preken.
Om zo in ootmoed, biddend in onze eigen gemeente onder het Woord te mogen verkeren, om als een onwaardige de Heere af te mogen smeken of er nog een woord voor ons bij zou mogen zijn , dan is dat voor eeuwig genoeg.
Dus we moeten niet alles goed willen praten, maar we zullen ook op een gepaste , een geestelijke manier om moeten gaan met alle vragen en eventuele misstanden in het kerkelijke leven.
Nogmaals : een lidmaatschap van een kerk is niet hetzelfde als een lidmaatschap van een sportclub o.i.d.