Verbeid mij een weinig, en ik zal u aanwijzen, dat er nog redenen voor God zijn.
-- Job 36:2
Wij behoren met onze genadegaven nooit te pronken om door mensen geprezen te worden, of opdat onze ijver voor Gods zaak openlijk erkend zou worden. Maar tegelijk is het een zonde van nalatigheid wanneer wij steeds angstig trachten te verbergen wat de Heere ons ten behoeve van onze medemensen heeft geschonken.
Het heerlijkste doel van de bekering is dat wij iets zijn “tot prijs Zijner heerlijke genade.”
Daarom kan een waar gelovige niet zijn als een dorpje in het dal, maar hij behoort te gelijken op een “stad die boven op een berg ligt.”
U zult als kind van God niet een licht zijn dat onder de korenmaat gezet wordt, maar u hebt een licht te zijn dat op een kandelaar geplaatst wordt, zodat het licht geeft aan allen die in het huis zijn.
De ware lichtdragers zelf treden daarbij op de achtergrond; alleen het licht dat zij uitstralen wordt gezien. Het stemt daarom met ware zelfverloochening overeen wanneer men zichzelf terugtrekt om niet gezien te worden. Maar het kan nooit gerechtvaardigd worden wanneer wij Jezus Christus verbergen, de waarlijk opgestane Heere, Die in onze harten woning heeft gemaakt.
Dhr. W. Malgo
Gelezen (geloofsopbouwend)
- J.C. Philpot
- Berichten: 10988
- Lid geworden op: 22 dec 2006, 15:08
Re: Gelezen (geloofsopbouwend)
Man is nothing: he hath a free will to go to hell, but none to go to heaven, till God worketh in him to will and to do of His good pleasure.
George Whitefield
George Whitefield
- J.C. Philpot
- Berichten: 10988
- Lid geworden op: 22 dec 2006, 15:08
Re: Gelezen (geloofsopbouwend)
Er komt een dag over ons allen waarop de waarde van alles veranderd zal zijn. Er komt een dag waarop bankbiljetten even nutteloos zullen zijn als vodden, en goud even waardeloos als het stof van de aarde. Er komt een dag waarop duizenden niets meer zullen geven om de dingen waarvoor zij eens leefden, en niets zozeer zullen verlangen als de dingen die zij eens verachtten.
De landhuizen en paleizen zullen vergeten worden in het verlangen naar een “huis dat niet met handen gemaakt is.” De gunst van de rijken en machtigen zal niet langer herinnerd worden, in het verlangen naar de gunst van de Koning der koningen. Zijde, satijn, fluweel en kant zullen uit het oog verloren worden in de dringende behoefte aan het kleed van Christus’ gerechtigheid.
Alles zal veranderd worden, alles zal anders zijn op de grote dag van de wederkomst van de Heere.
Ds. J.C. Ryle
De landhuizen en paleizen zullen vergeten worden in het verlangen naar een “huis dat niet met handen gemaakt is.” De gunst van de rijken en machtigen zal niet langer herinnerd worden, in het verlangen naar de gunst van de Koning der koningen. Zijde, satijn, fluweel en kant zullen uit het oog verloren worden in de dringende behoefte aan het kleed van Christus’ gerechtigheid.
Alles zal veranderd worden, alles zal anders zijn op de grote dag van de wederkomst van de Heere.
Ds. J.C. Ryle
Man is nothing: he hath a free will to go to hell, but none to go to heaven, till God worketh in him to will and to do of His good pleasure.
George Whitefield
George Whitefield
- J.C. Philpot
- Berichten: 10988
- Lid geworden op: 22 dec 2006, 15:08
Re: Gelezen (geloofsopbouwend)
God heeft nooit bedoeld dat, toen Hij uw naaktheid bedekte met de gerechtigheid van Zijn geliefde Zoon en u verloste van de veroordelende macht van de zonde en de wet, u nog zou leven zoals degenen die God niet kennen. “Dit zeg ik dan en betuig het in den Heere, dat gij niet meer wandelt, gelijk als de andere heidenen wandelen, in de ijdelheid huns gemoeds” (Efeziërs 4:17).
Wat? Een christen zijn en leven zoals de wereld? (Johannes 17:16). Een christen, en uw tijd, uw kracht en uw vermogens besteden aan dingen die vergaan door het gebruik?
Bedenk, mens, indien de genade Gods uw ziel heeft aangegrepen, zo zijt gij een mens van een andere wereld; ja, een onderdaan van een ander en edeler Koninkrijk — het Koninkrijk Gods, hetwelk is het Koninkrijk van het Evangelie, van genade, van geloof en van gerechtigheid, en het Koninkrijk des hemels hiernamaals (Romeinen 14:16–18). Dit, zeg ik, is Gods bedoeling; dit is de neiging, de natuurlijke neiging van elke genade die God u geschonken heeft; en hierin wordt onze Vader verheerlijkt, dat wij veel vrucht dragen (Kolossenzen 3:1–4; Johannes 15:8).
Ds. J. Bunyan
Wat? Een christen zijn en leven zoals de wereld? (Johannes 17:16). Een christen, en uw tijd, uw kracht en uw vermogens besteden aan dingen die vergaan door het gebruik?
Bedenk, mens, indien de genade Gods uw ziel heeft aangegrepen, zo zijt gij een mens van een andere wereld; ja, een onderdaan van een ander en edeler Koninkrijk — het Koninkrijk Gods, hetwelk is het Koninkrijk van het Evangelie, van genade, van geloof en van gerechtigheid, en het Koninkrijk des hemels hiernamaals (Romeinen 14:16–18). Dit, zeg ik, is Gods bedoeling; dit is de neiging, de natuurlijke neiging van elke genade die God u geschonken heeft; en hierin wordt onze Vader verheerlijkt, dat wij veel vrucht dragen (Kolossenzen 3:1–4; Johannes 15:8).
Ds. J. Bunyan
Man is nothing: he hath a free will to go to hell, but none to go to heaven, till God worketh in him to will and to do of His good pleasure.
George Whitefield
George Whitefield
- J.C. Philpot
- Berichten: 10988
- Lid geworden op: 22 dec 2006, 15:08
Re: Gelezen (geloofsopbouwend)
Uitstel van de wederkomst veroorzaken?
Nog een reden waarom degenen die God vrezen hun tijd zo behoren te beheren en voor God in deze wereld behoren te arbeiden, is deze: opdat zij niets meer te doen hebben wanneer zij dit leven moeten verlaten. Want het talmen in uw werk doet, zoveel het in zich heeft, uitstel veroorzaken en houdt de wederkomst van onze Heere en Zaligmaker Jezus Christus tegen.
Zij zijn immers nog niet allen gekomen tot de kennis van de Zoon van God, “tot de mate van de grootte der volheid van Christus” (Efeze 4:8–13). Dat wil zeggen: tot de volkomen opbouw van Zijn lichaam. Want, zoals Petrus zegt: “De Heere vertraagt de belofte niet (gelijk enigen dat traagheid achten), maar is lankmoedig over ons, niet willende dat enigen verloren gaan, maar dat zij allen tot bekering komen” (2 Petrus 3:9).
En zo… tot de volkomen vervulling van al hun plicht en het werk dat zij voor God in deze wereld hebben gedaan. En ik zeg: hoe sneller het werk van bekering, berouw, geloof, zelfverloochening en de overige christelijke plichten door de heiligen in hun dagen worden volbracht, des te meer maken zij baan voor de komst van de Heere uit de hemel.
Daarom zegt Petrus opnieuw: “Dewijl dan deze dingen alle vergaan, hoedanigen behoort gij te zijn in heiligen wandel en godzaligheid; verwachtende en haastende tot de komst van den dag Gods, in welken de hemelen, door vuur ontstoken zijnde, zullen vergaan, en de elementen brandende zullen versmelten” (2 Petrus 3:11–12).
Wanneer de bruid (de Kerk) zich gereedgemaakt heeft, “de bruiloft des Lams is gekomen” (Openbaring 19:7).
Ds. J. Bunyan
Nog een reden waarom degenen die God vrezen hun tijd zo behoren te beheren en voor God in deze wereld behoren te arbeiden, is deze: opdat zij niets meer te doen hebben wanneer zij dit leven moeten verlaten. Want het talmen in uw werk doet, zoveel het in zich heeft, uitstel veroorzaken en houdt de wederkomst van onze Heere en Zaligmaker Jezus Christus tegen.
Zij zijn immers nog niet allen gekomen tot de kennis van de Zoon van God, “tot de mate van de grootte der volheid van Christus” (Efeze 4:8–13). Dat wil zeggen: tot de volkomen opbouw van Zijn lichaam. Want, zoals Petrus zegt: “De Heere vertraagt de belofte niet (gelijk enigen dat traagheid achten), maar is lankmoedig over ons, niet willende dat enigen verloren gaan, maar dat zij allen tot bekering komen” (2 Petrus 3:9).
En zo… tot de volkomen vervulling van al hun plicht en het werk dat zij voor God in deze wereld hebben gedaan. En ik zeg: hoe sneller het werk van bekering, berouw, geloof, zelfverloochening en de overige christelijke plichten door de heiligen in hun dagen worden volbracht, des te meer maken zij baan voor de komst van de Heere uit de hemel.
Daarom zegt Petrus opnieuw: “Dewijl dan deze dingen alle vergaan, hoedanigen behoort gij te zijn in heiligen wandel en godzaligheid; verwachtende en haastende tot de komst van den dag Gods, in welken de hemelen, door vuur ontstoken zijnde, zullen vergaan, en de elementen brandende zullen versmelten” (2 Petrus 3:11–12).
Wanneer de bruid (de Kerk) zich gereedgemaakt heeft, “de bruiloft des Lams is gekomen” (Openbaring 19:7).
Ds. J. Bunyan
Man is nothing: he hath a free will to go to hell, but none to go to heaven, till God worketh in him to will and to do of His good pleasure.
George Whitefield
George Whitefield
Re: Gelezen (geloofsopbouwend)
uit een nieuwsbrief
4. Schematisch (ds. W. Pieters, Elspeet)
Het heeft zeer veel donkerheid in Gods kerk gebracht, dat men van het Godswerk modelwerk is
gaan maken. Volgens een bepaald schema moet dan de weldaad van de rechtvaardigmaking
worden doorleefd. En wat met dat schema niet overeenkomt, kan geen goedkeuring wegdragen.
Dat heeft niet alleen veel twist en verdeeldheid in Gods kerk teweeggebracht, maar ook vele
zielen jarenlang in duisternis en verwarring doen verkeren. Echter is te vrezen van degenen die
altijd naar een bepaalde maatstaf te werk gaan, dat zij zelf niets weten van het eenvoudige van
het werk Gods. Zij kunnen om hun grootspraak door velen geacht en gevierd worden, maar als
men hen eens af zou vragen, hoe zij zelf beleefd hebben wat zij aan anderen tot een maatstaf
stellen, zullen ze er wellicht geen verslag van kunnen geven.
Het is een Goddelijke leiding en besturing in mijn leven geweest, waardoor ik in aanraking heb
moeten komen met gezelschapskringen, waar men avonden nodig had om zijn bekering te
vertellen. Men kreeg dan een heel mooi verhaal te horen. Teksten en gepaste Psalmen
ontbraken daarbij niet. De rechtvaardigmaking zag men gebeuren als een rechtszitting, waarbij
men God de Vader op de troon zag zitten en de Zoon tot de Vader zag naderen, alles zo visionair
mogelijk. En als men dan zover gekomen was, dan was men pas bekeerd. Ik ga daar verder niet
op in. Alleen wil ik tegen zulk een godsdienst wel waarschuwen. En het onderzoek van de
Reformatorische geschriften en ook van al de goede oude schrijvers hebben me wel doen zien
dat dergelijke bekeringsgeschiedenissen een product zijn van de laatste eeuw.
(Overgenomen van ds. F. Mallan uit ‘De Wachter Sions’)
4. Schematisch (ds. W. Pieters, Elspeet)
Het heeft zeer veel donkerheid in Gods kerk gebracht, dat men van het Godswerk modelwerk is
gaan maken. Volgens een bepaald schema moet dan de weldaad van de rechtvaardigmaking
worden doorleefd. En wat met dat schema niet overeenkomt, kan geen goedkeuring wegdragen.
Dat heeft niet alleen veel twist en verdeeldheid in Gods kerk teweeggebracht, maar ook vele
zielen jarenlang in duisternis en verwarring doen verkeren. Echter is te vrezen van degenen die
altijd naar een bepaalde maatstaf te werk gaan, dat zij zelf niets weten van het eenvoudige van
het werk Gods. Zij kunnen om hun grootspraak door velen geacht en gevierd worden, maar als
men hen eens af zou vragen, hoe zij zelf beleefd hebben wat zij aan anderen tot een maatstaf
stellen, zullen ze er wellicht geen verslag van kunnen geven.
Het is een Goddelijke leiding en besturing in mijn leven geweest, waardoor ik in aanraking heb
moeten komen met gezelschapskringen, waar men avonden nodig had om zijn bekering te
vertellen. Men kreeg dan een heel mooi verhaal te horen. Teksten en gepaste Psalmen
ontbraken daarbij niet. De rechtvaardigmaking zag men gebeuren als een rechtszitting, waarbij
men God de Vader op de troon zag zitten en de Zoon tot de Vader zag naderen, alles zo visionair
mogelijk. En als men dan zover gekomen was, dan was men pas bekeerd. Ik ga daar verder niet
op in. Alleen wil ik tegen zulk een godsdienst wel waarschuwen. En het onderzoek van de
Reformatorische geschriften en ook van al de goede oude schrijvers hebben me wel doen zien
dat dergelijke bekeringsgeschiedenissen een product zijn van de laatste eeuw.
(Overgenomen van ds. F. Mallan uit ‘De Wachter Sions’)
Wien heb ik nevens U in den hemel? Nevens U lust mij ook niets op de aarde!
Bezwijkt mijn vlees en mijn hart, zo is God de Rotssteen mijns harten, en mijn Deel in eeuwigheid.
Gib dich zufrieden und sei stille
Bezwijkt mijn vlees en mijn hart, zo is God de Rotssteen mijns harten, en mijn Deel in eeuwigheid.
Gib dich zufrieden und sei stille
Re: Gelezen (geloofsopbouwend)
Juist. Ds. Mallan vond de rechtvaardigmaking niet echt nodig, het kon ook wel zonder. (Wat we ook vinden van het positioneren van deze 'nadere weldaad') Precies een item die in 1980 een scheuring veroorzaakte. Jammer dat ds. Pieters dat niet doorzien heeft.Bertiel schreef: ↑Gisteren, 15:39 uit een nieuwsbrief
4. Schematisch (ds. W. Pieters, Elspeet)
Het heeft zeer veel donkerheid in Gods kerk gebracht, dat men van het Godswerk modelwerk is
gaan maken. Volgens een bepaald schema moet dan de weldaad van de rechtvaardigmaking
worden doorleefd. En wat met dat schema niet overeenkomt, kan geen goedkeuring wegdragen.
Dat heeft niet alleen veel twist en verdeeldheid in Gods kerk teweeggebracht, maar ook vele
zielen jarenlang in duisternis en verwarring doen verkeren. Echter is te vrezen van degenen die
altijd naar een bepaalde maatstaf te werk gaan, dat zij zelf niets weten van het eenvoudige van
het werk Gods. Zij kunnen om hun grootspraak door velen geacht en gevierd worden, maar als
men hen eens af zou vragen, hoe zij zelf beleefd hebben wat zij aan anderen tot een maatstaf
stellen, zullen ze er wellicht geen verslag van kunnen geven.
Het is een Goddelijke leiding en besturing in mijn leven geweest, waardoor ik in aanraking heb
moeten komen met gezelschapskringen, waar men avonden nodig had om zijn bekering te
vertellen. Men kreeg dan een heel mooi verhaal te horen. Teksten en gepaste Psalmen
ontbraken daarbij niet. De rechtvaardigmaking zag men gebeuren als een rechtszitting, waarbij
men God de Vader op de troon zag zitten en de Zoon tot de Vader zag naderen, alles zo visionair
mogelijk. En als men dan zover gekomen was, dan was men pas bekeerd. Ik ga daar verder niet
op in. Alleen wil ik tegen zulk een godsdienst wel waarschuwen. En het onderzoek van de
Reformatorische geschriften en ook van al de goede oude schrijvers hebben me wel doen zien
dat dergelijke bekeringsgeschiedenissen een product zijn van de laatste eeuw.
(Overgenomen van ds. F. Mallan uit ‘De Wachter Sions’)