Arja schreef: ↑Gisteren, 19:59
En hoe kan je zo'n cirkel doorbreken.
Ik ben de laatste tijd veel bezig met de Dordtse Leerregels. Net als in de catechismus gesteld wordt dat de enige troost ligt verklaard in de kennis van onze (persoonlijke) ellende EN verlossing EN dankbaarheid lijkt mij dat ook te gelden voor alle artikelen van de Dordtse Leerregels. Het is misschien een te simpel voorbeeld, maar zo stel ik het mij voor: bij het maken van een maaltijd zijn alle ingrediënten nodig, zo geldt het ook bij theologie, dogmatiek en bevinding. En de reformatorische formulieren zijn echte troost formulieren!
Zie hoofdstuk 1 paragraaf 12:
Van deze hun eeuwige en onveranderlijke verkiezing ter zaligheid
worden de uitverkorenen te zijner tijd,
hoewel bij onderscheiden trappen en met ongelijke mate, verzekerd;
niet, als zij de verborgenheden en diepten Gods curieuselijk doorzoeken,
maar als zij de onfeilbare vruchten der verkiezing in het Woord Gods aangewezen
(als daar zijn: het waar geloof in Christus, kinderlijke vreze Gods,
droefheid die naar God is over de zonde, honger en dorst naar de gerechtigheid, enz.),
in zichzelf met een geestelijke blijdschap en heilige vermaking waarnemen.
Waarbij uiteraard alle voorgaande en latere artikelen ook gelden en door de gelovige dienen aanvaard te worden; over onze val in Adam, verkiezing en verwerping, alleen genade in Christus red, geloof en ongeloof.
Hoe is het dan als bovenstaande zekerheid er niet, of nog niet is?
Zie hiervoor eens hoofdstuk 1 paragraaf 16:
Zwakke gelovigen
Die het levend geloof in Christus,
of het zeker vertrouwen des harten,
den vrede der consciëntie,
de betrachting van de kinderlijke gehoorzaamheid,
den roem in God door Christus,
in zich
nog niet krachtiglijk gevoelen,
en nochtans de middelen gebruiken,
door welke God beloofd heeft deze dingen in ons te werken,
die moeten niet mismoedig worden, wanneer zij van de verwerping horen gewagen,
noch zichzelf onder de verworpenen rekenen,
maar in het waarnemen der middelen vlijtig voortgaan,
naar den tijd van overvloediger genade vuriglijk verlangen,
en dien met eerbiedigheid en ootmoedigheid verwachten.
Zoekende mensen
Veel minder behoren voor deze leer van de verwerping verschrikt te worden degenen,
die ernstiglijk begeren zich tot God te bekeren,
Hem alleen te behagen,
en van het lichaam des doods verlost te worden,
en
nochtans in den weg der godzaligheid en des geloofs
zo ver nog niet kunnen komen, als zij wel wilden;
aangezien de barmhartige God beloofd heeft,
dat Hij de rokende vlaswiek niet zal uitblussen,
en het gekrookte riet niet zal verbreken.
Mensen die het niets interesseren
Maar deze leer is met recht schrikkelijk voor degenen,
die, God en Christus den Zaligmaker, niet achtende,
zichzelf aan de zorgvuldigheden der wereld
en aan de wellusten des vleses geheel hebben overgegeven,
zolang zij zich niet met ernst tot God bekeren.
Moeten er bijzondere, echt bijzondere openbaringen gebeuren? Dat vonden onze vaderen van niet; ze stelden dat de Remonstranten hiermee de kerk terugbrachten naar Rome.
Zie hoofdstuk 5 weerlegging dwaling 5
Die leren: Dat men geen zekerheid van de toekomende volharding
in dit leven kan hebben zonder bijzondere openbaring.
Want door deze leer wordt de vaste troost der ware gelovigen in dit leven weggenomen,
en de twijfeling der pausgezinden in de Kerk weder ingevoerd;
terwijl de Heilige Schrift deze zekerheid telkens afleidt,
niet uit een bijzondere en buitengewone openbaring,
maar uit de eigen merktekenen der kinderen Gods,
en uit de zeer standvastige beloften Gods.
Inzonderheid de apostel Paulus:
Geen schepsel zal ons kunnen scheiden van de liefde Gods,
welke is in Christus Jezus, onzen Heere (Rom. 8:39);
en Johannes: Die Zijn geboden bewaart, blijft in Hem,
en Hij in denzelve; en hieraan kennen wij, dat Hij in ons blijft,
namelijk uit den Geest, Dien Hij ons gegeven heeft (1 Joh. 3:24).
Zie voor de website
https://www.belijdenis.nu/ de Dordtse Leerregels in hedendaagse taal, door dr. W. Verboom.