Edelweiss schreef: ↑31 jan 2026, 10:51
Job schreef: ↑31 jan 2026, 00:57
Ha Edelweiss, een bepaalde vooringenomenheid (lees: signatuur) mag toch van het RD verwacht worden? Heb je suggesties hoe dit anders had gekund wanneer je het wel met de inhoud eens bent?
Zelf vind ik het terechte vragen en zelfs heel noodzakelijk in een tijd waarin veel reformatorische jongeren een actief, betrokken geloofsleven menen te kunnen combineren met een levensstijl die in bepaalde opzichten niet onderdoet voor een seculiere. Hoe werd dat ooit genoemd in dat onderzoek onder refojongeren: waren dat niet de zgn. schakelaars?
Mijn enige kritiek zou misschien zijn dat dezelfde vraag heel veel herhaald wordt. Maar verder ben ik blij dat het RD positie inneemt. Maar nog veel blijer ben ik om te lezen hoe deze knul ingenomen wordt voor de Heere en Zijn dienst en ons een kraakheldere spiegel voorhoudt aan het eind.
Hoi Job,
Van het RD mag zeker een bepaalde signatuur verwacht worden. Zoals ik al aangaf, had ik geen moeite met de inhoud van de vragen; wel, hoe ze gesteld worden. Zoals Maanenschijn het ook aangeeft: ‘ik sloeg aan op de vragen van het interview omdat ik daar onderliggend een veroordeling uit voelde spreken’. Daar sluit ik me helemaal bij aan; ook, zoals jij ook aangeeft, dat ze veel herhaald worden.
Ik zal proberen mijn visie zo goed mogelijk te verwoorden.
Allereerst vind ik het prachtig om te lezen hoe Sefa door de Heere uit de wereld werd getrokken. Nu wil ik niet impliceren dat dit ‘mooier’ of ‘beter’ is dan wanneer de Heere gaat werken in iemand, die al heel zijn leven in de refoscene verkeert (refoscholen, refowergever, etc.), maar het is een feit dat Sefa uit een wereld komt die nogal haaks staat op de refowereld, waardoor het contrast veel groter en sterker is. Dat maakt het, wellicht, ook wat complexer, en het lijkt mij logisch, dat dit vragen oproept.
Die vragen mogen best gesteld worden, zeker ook, als Sefa er zélf ook voor openstaat, ze te beantwoorden.
Ik sloeg vooral aan op de vragen en opmerkingen: ‘Waarom breek je daar niet mee? Waarom neem je er niet openlijk afstand van? Je werkt het niet tegen.’
Dat zijn in mijn (!!!) ogen geen vragen. Dat zijn verwachtingen, of erger, veroordelingen. Sefa wordt hiermee langs een lat gelegd, die in mijn ogen niet zou moeten bestaan.
Vervolgens worden er nog even andere christenen opgelepeld en als norm gesteld, omdat zij namelijk wél direct braken met dancemuziek. In mijn ogen wordt daarmee geimpliceerd: waar wacht jij dan nog op? Waarom voldoe jij niet aan die ‘checklist’?
Waarom wordt dit niet omgedraaid? Waarom wordt hier niet simpelweg zijn visie gevraagd? Sefa, hoe zie jij dit of dat in relatie met Gods Woord? Wat vind jij, van andere christenen, die wel direct braken met die wereld? Ken je ze, heb je ze gesproken? Maar nee, ook zij worden tot een soort sjabloon gemaakt.
Verdere vragen die zo bij mij bovenkomen, zijn: hoe zie jij de rol, die de Heere jou gegeven heeft? Wat vind je daar moeilijk aan? Waar worstel je mee? Denk je, dat je ook een rol zou kunnen spelen in het vele drugsgebruik op de festivals waar jij draait of hebt gedraaid? En welke rol kan jouw muziek daarin spelen?
Maar met de vragen in de huidige vorm wordt niet perse de diepte in gegaan, er wordt niet zozeer naar de inhoud gevraagd, maar naar de vorm. Want Sefa geeft, in mijn ogen, getuigenissen – die vervolgens worden platgeslagen (gisteren dacht ik zelfs: neergesabeld) met een veroordelende vraag of opmerking, waarbij geimpliceerd wordt, dat een en ander niet volgens Gods Woord gaat of lijkt te gaan.
Waarom sloeg ik daar zo op aan? Omdat het, volgens mij, niet zo werkt.
Hier is de Heere aan het werk. Dat is iets om ontegenzeggelijk dankbaar voor te zijn. Wat de Heere doet, waar Hij mee bezig is, is een heilig, maar ook zeer delicaat proces. De Heere heeft overduidelijk een plan met Sefa (en overigens ook met jou, u en mij). Daar bestaan geen checkmarks voor, en ook geen tijdsframe. Laat de Heere Zijn werk doen, op Zijn tijd. Vraag er voorzichtig naar, laat Sefa getuigen, vraag zijn mening, maar verwacht niet, dat dit gaat zoals de refowereld het ‘gewend’ is. Het zaadje is duidelijk geplant, de eerste vruchten lijken zichtbaar te zijn, maar verwacht niet direct, te kunnen oogsten.
Afsluitend. Hoewel ik de wereld van dergelijke muziek (nou ja... ik vind het persoonlijk niet eens muziek) verafschuw, denk ik wel vrij zeker te weten dat Sefa juist in die wereld een groot bereik heeft of kan hebben. Hij realiseert zich dit in elk geval terdege, en volgens mij meer, dan de journalist. Hij kan zoveel mensen bereiken, die anders wellicht nooit eens van of over de Heere zouden horen. En hoewel wij het volgende helemaal niet weten en kunnen weten (en ook niet hoeven te weten, omdat de Heere dit zelf wel afkan), is dàt nu wellicht het plan van de Heere. Niet meer van die wereld, maar wel in die wereld, om mensen eruit te trekken.
Sefa maakt muziek, maar is misschien daarmee wel het instrument van de Heere geworden. Die optie echter, houdt de journalist helemaal niet open, sterker nog, het is nota bene Sefa zélf, die nog het zoutend zout ter sprake brengt. Waarom realiseert de journalist, juist één, van het reformatorische signatuur, dit niet? Weet die journalist nu werkelijk zo goed, hoe de Heere werkt? Kan en durft de journalist in de spiegel te kijken, die Sefa ons allemaal aan het einde van het artikel voorhoudt? Ik voelde me zelf namelijk nogal aangesproken door die spiegel.
Feit is in elk geval dat ik het het heel mooi vind dat Sefa hier zo open over spreekt. Ik weet niet, of ik het zelf wel zou durven om zo met mijn zieleroerselen in de krant te staan, zélfs niet, of misschien wel juist niet, in het RD.
Artikel 2 is mij doorgestuurd door een familielid, en vind ik dan weer heel liefdevol én Bijbels.
Als je nog aanvullende vragen hebt, Job, stel ze gerust.