Dat denk ik ook, ja.
Horizontale preken
- Johann Gottfried Walther
- Berichten: 5781
- Lid geworden op: 05 feb 2008, 15:49
Re: Horizontale preken
Neem je deze tekst ook serieus Ambtenaar?Johann Gottfried Walther schreef: ↑29 jul 2026, 15:50 Matth 7 vers 21 Niet ieder die tegen Mij zegt: Heere, Heere, zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader, Die in de hemelen is.
22 Velen zullen op die dag tegen Mij zeggen: Heere, Heere, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam demonen uitgedreven, en in Uw Naam veel krachten gedaan?
23 Dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik heb u nooit gekend; ga weg van Mij, u die de wetteloosheid werkt!
"Zie, de Heere is gekomen met Zijn vele duizenden heiligen, om gericht te houden tegen allen, en te straffen alle goddelozen onder hen, vanwege al hun goddeloze werken, die zij goddelooslijk gedaan hebben, en vanwege alle harde woorden, die de goddeloze zondaars tegen Hem gesproken hebben"
Re: Horizontale preken
Naar de kerk gaan of naar preken luisteren is beslist niet hetzelfde als Jezus volgen.
Re: Horizontale preken
Die tekst is er niet om een ander mee om de oren te slaan.Johann Gottfried Walther schreef: ↑Vandaag, 09:50Neem je deze tekst ook serieus Ambtenaar?Johann Gottfried Walther schreef: ↑29 jul 2026, 15:50 Matth 7 vers 21 Niet ieder die tegen Mij zegt: Heere, Heere, zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader, Die in de hemelen is.
22 Velen zullen op die dag tegen Mij zeggen: Heere, Heere, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam demonen uitgedreven, en in Uw Naam veel krachten gedaan?
23 Dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik heb u nooit gekend; ga weg van Mij, u die de wetteloosheid werkt!
Re: Horizontale preken
Wat is volgens jou "wetteloosheid werken"?Johann Gottfried Walther schreef:Neem je deze tekst ook serieus Ambtenaar?Johann Gottfried Walther schreef: ↑29 jul 2026, 15:50 Matth 7 vers 21 Niet ieder die tegen Mij zegt: Heere, Heere, zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader, Die in de hemelen is.
22 Velen zullen op die dag tegen Mij zeggen: Heere, Heere, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam demonen uitgedreven, en in Uw Naam veel krachten gedaan?
23 Dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik heb u nooit gekend; ga weg van Mij, u die de wetteloosheid werkt!
Re: Horizontale preken
En in welke mate betreft deze teksten mijn opmerking dat je in principe een kerkganger als gelovige moet zien?
- Johann Gottfried Walther
- Berichten: 5781
- Lid geworden op: 05 feb 2008, 15:49
Re: Horizontale preken
Het gaat hier over mensen die menen behouden te zijn, want….maar Christus kent ze niet.
Wij zijn naar de kerk gegaan, wij waren heel serieus….
Van nature kennen we God en Christus niet alleen door Gods genade en de werking van de Heilige Geest.
Wij zijn naar de kerk gegaan, wij waren heel serieus….
Van nature kennen we God en Christus niet alleen door Gods genade en de werking van de Heilige Geest.
"Zie, de Heere is gekomen met Zijn vele duizenden heiligen, om gericht te houden tegen allen, en te straffen alle goddelozen onder hen, vanwege al hun goddeloze werken, die zij goddelooslijk gedaan hebben, en vanwege alle harde woorden, die de goddeloze zondaars tegen Hem gesproken hebben"
Re: Horizontale preken
Dat is niet wat in de tekst staat.Johann Gottfried Walther schreef: ↑Vandaag, 14:01 Het gaat hier over mensen die menen behouden te zijn, want….maar Christus kent ze niet.
Wij zijn naar de kerk gegaan, wij waren heel serieus….
Van nature kennen we God en Christus niet alleen door Gods genade en de werking van de Heilige Geest.
Re: Horizontale preken
Mattheüs 7 gaat volgens mij niet over de vraag hoe een plaatselijke gemeente moet worden samengesteld. Jezus waarschuwt daar, in aansluiting op de valse profeten... voor mensen die Hem nadrukkelijk “Heere” noemen en zich beroepen op profetieën, demonenuitdrijvingen en wonderen in Zijn Naam. Zij presenteren zich dus als Zijn volgelingen en onderbouwen dat zelfs met een indrukwekkende bediening. Toch blijken zij niet werkelijk bij Hem te horen.
Dat is een andere vraag dan op welke grond iemand als “heilig in Christus” of als lid van de gemeente wordt aangesproken. Mijn overtuiging is dat je de benaming “heiligen in Christus” niet zonder meer kunt overzetten op een kerkvorm waarin die benaming ook wordt gebruikt zonder dat er sprake is van een persoonlijke geloofsbelijdenis. Dat deze toepassing later vanuit een bepaalde verbondstheologische uitleg is ontstaan, betekent nog niet dat daarmee ook de apostolische lijn is aangetoond. De lijn die je in Handelingen ziet, is dat mensen het evangelie hoorden en aannamen en vervolgens aan de gemeenschap werden toegevoegd. De apostelen spreken gemeenten daarna aan als mensen die in Christus geheiligd zijn en de Naam van de Heere aanroepen. Dat later kon blijken dat iemand niet werkelijk bij hen hoorde, wordt daarmee niet uitgesloten.
Ik moest ook denken aan Johannes z;n brief. HIj schrijft over mensen bij wie dat openbaar werd: “Zij zijn uit ons uitgegaan, maar zij waren uit ons niet; want indien zij uit ons geweest waren, zo zouden zij met ons gebleven zijn; maar dit is geschied, opdat zij zouden openbaar worden, dat zij niet allen uit ons zijn. 1 Johannes 2:19 Johannes ontkent niet dat zij zichtbaar bij de gemeenschap betrokken waren geweest. Hij zegt echter dat hun vertrek openbaar maakte dat zij niet werkelijk “uit ons” waren.
Dat raakt dan weer wel zijdelings aan Jezus’ woorden in Mattheüs 7: “Nooit heb Ik u gekend.” In het Grieks staat “nooit” nadrukkelijk vooraan toch? Jezus zegt dus niet dat Hij hen eerst wel kende en later niet meer. Zij gebruikten Zijn Naam en beriepen zich op hun bediening, maar Hij had hen nooit als de Zijnen gekend.
De apostolische gemeenten worden als “heiligen in Christus” aangesproken vanuit hun zichtbare belijdenis: zij hadden het evangelie ontvangen en riepen de Naam van de Heere aan. In 1 Korinthe 7:14 gebruikt Paulus wel het woord “heilig” voor de kinderen, maar hij noemt hen niet “heiligen in Christus”. Ook de ongelovige echtgenoot wordt daar “geheiligd” genoemd, terwijl Paulus hem tegelijk uitdrukkelijk ongelovig blijft noemen.
Paulus maakt daar dus zelf onderscheid tussen een afgezonderde plaats binnen het gezin en persoonlijk “in Christus” zijn. “Heilig” betekent in die tekst daarom niet automatisch wedergeboren, behouden of in Christus geheiligd. Dat is iets anders dan de aanspreekvorm “heiligen in Christus Jezus” die Paulus voor de gemeente gebruikt.
Zoooo dat was mijn studietje van vandaag.
Dat is een andere vraag dan op welke grond iemand als “heilig in Christus” of als lid van de gemeente wordt aangesproken. Mijn overtuiging is dat je de benaming “heiligen in Christus” niet zonder meer kunt overzetten op een kerkvorm waarin die benaming ook wordt gebruikt zonder dat er sprake is van een persoonlijke geloofsbelijdenis. Dat deze toepassing later vanuit een bepaalde verbondstheologische uitleg is ontstaan, betekent nog niet dat daarmee ook de apostolische lijn is aangetoond. De lijn die je in Handelingen ziet, is dat mensen het evangelie hoorden en aannamen en vervolgens aan de gemeenschap werden toegevoegd. De apostelen spreken gemeenten daarna aan als mensen die in Christus geheiligd zijn en de Naam van de Heere aanroepen. Dat later kon blijken dat iemand niet werkelijk bij hen hoorde, wordt daarmee niet uitgesloten.
Ik moest ook denken aan Johannes z;n brief. HIj schrijft over mensen bij wie dat openbaar werd: “Zij zijn uit ons uitgegaan, maar zij waren uit ons niet; want indien zij uit ons geweest waren, zo zouden zij met ons gebleven zijn; maar dit is geschied, opdat zij zouden openbaar worden, dat zij niet allen uit ons zijn. 1 Johannes 2:19 Johannes ontkent niet dat zij zichtbaar bij de gemeenschap betrokken waren geweest. Hij zegt echter dat hun vertrek openbaar maakte dat zij niet werkelijk “uit ons” waren.
Dat raakt dan weer wel zijdelings aan Jezus’ woorden in Mattheüs 7: “Nooit heb Ik u gekend.” In het Grieks staat “nooit” nadrukkelijk vooraan toch? Jezus zegt dus niet dat Hij hen eerst wel kende en later niet meer. Zij gebruikten Zijn Naam en beriepen zich op hun bediening, maar Hij had hen nooit als de Zijnen gekend.
De apostolische gemeenten worden als “heiligen in Christus” aangesproken vanuit hun zichtbare belijdenis: zij hadden het evangelie ontvangen en riepen de Naam van de Heere aan. In 1 Korinthe 7:14 gebruikt Paulus wel het woord “heilig” voor de kinderen, maar hij noemt hen niet “heiligen in Christus”. Ook de ongelovige echtgenoot wordt daar “geheiligd” genoemd, terwijl Paulus hem tegelijk uitdrukkelijk ongelovig blijft noemen.
Paulus maakt daar dus zelf onderscheid tussen een afgezonderde plaats binnen het gezin en persoonlijk “in Christus” zijn. “Heilig” betekent in die tekst daarom niet automatisch wedergeboren, behouden of in Christus geheiligd. Dat is iets anders dan de aanspreekvorm “heiligen in Christus Jezus” die Paulus voor de gemeente gebruikt.
Zoooo dat was mijn studietje van vandaag.