huisman schreef: ↑Gisteren, 10:14
rhadders schreef: ↑14 mei 2026, 23:48
huisman schreef: ↑13 mei 2026, 21:58
rhadders schreef: ↑13 mei 2026, 20:31
Er is misschien nog wel een derde mogelijkheid, dan A of B heeft gelijk. Op een gemeenteavond in onze gemeente heb ik eens verteld, in het kader ook van de verdeeldheid binnen ons kerkverband, dat een diamant wel 70 facetten kan hebben. Het is een verwijzing naar een eeuwenoud Joods verhaal. Of eigenlijk is het meer een uitdrukking: de Torah heeft 70 gezichten. Daar zit veel wijsheid in.
Onze behoudende broeders hebben volkomen gelijk als ze stellen dat Gods Woord onderscheid maakt tussen man en vrouw en dat het 'onderwijzen' en 'spreken' een mannelijke roeping (ook als deze door een vrouw wordt uitgeoefend, voeg ik er voor de volledigheid maar aan toe).
Onze progressieve broeders hebben volkomen gelijk als ze stellen dat in Christus elk onderscheid is opgeheven (in Christus zijn wij allen zonen, broeders, en dat geldt ook de vrouwen, voeg ik er voor de volledigheid maar aan toe).
De broeders daar tussenin hebben volkomen gelijk als ze stellen dat we met beide werkelijkheden van doen hebben (we leven nog in het vlees en in deze wereld, maar gaan tegelijkertijd uit van de geestelijke werkelijkheid, voeg ik er voor de volledigheid maar aan toe).
Daarbij past de houding waar DDD hierboven al toe oproept. Besef dat er zoveel meer te zeggen en te weten valt,
vanuit de Schrift. Het kan zomaar zijn dat zowel 'Hoogeveen' als 'Rijnsburg' belangrijke waarheden in de Schrift raken. Maar dat we dat onvoldoende zien, omdat we gefocust zijn op één facet.
Blijf moeite houden met een houding van ‘we kunnen niet weten’. De zinnen die ik vetgemaakt heb en waarin jij een tegenstelling suggereert komen uit brieven van Paulus. Zou Paulus zichzelf tegenspreken? Zeggen dat er in Christus geen Jood of Griek geen dienstbare of vrije geen man of vrouw is en aan de andere kant benadrukt Paulus sterk het onderscheid tussen man en vrouw in de christelijke gemeente. Of zou de tekst uit Galaten 3 : 28 niets te maken hebben met die verhouding maar zeggen dat er ten diepste maar twee soorten mensen zijn? In Christus of buiten Christus. Maar een Griek bleef een Griek, een Jood bleef een Jood, een man bleef een man en een vrouw bleef een vrouw. Maar in Christus zijn ze allemaal erfgenamen en dan werkt Paulus toe naar het kindschap Gods (Galaten 4 :1-7).
Heb die tekst dus altijd een uiterst zwak argument gevonden in de v&a discussie.
'We kunnen niet weten' is nu net niet wat hiermee bedoeld wordt. Wel is ons weten onvolkomen. We zien ten dele, als een paard met oogkleppen op. Onze kerken worden veelal gekenmerkt door 'reactietheologie'. Wat bij de één onderbelicht is gebleven, wordt door de ander vaak weer overbelicht. Wat juist een rijk evenwicht kon brengen in de CGK. Maar dat terzijde.
Spreekt Paulus zichzelf tegen? Nee, Paulus maakt juist duidelijk dat in Christus die verhouding wordt opgeheven. Die verhouding is wat de schepping kenmerkt, daarin gaat het namelijk om 'twee-heid'. Van één naar twee en van twee naar één: dat is de kortste samenvatting van de hele bijbelse boodschap (in het Hebreeuws lees je dan het woord: ABBA). In Christus is geen man en vrouw, maar gaat alles weer terug naar 'man'. Paulus spreekt overigens ook niet over 'kinderen' in de grondtekst, maar over de 'aanneming tot
zonen'.
Een wezenlijk verschil, waar nog veel meer over valt te zeggen, maar het punt is dat in deze schepping inderdaad het onderscheid tussen man en vrouw gezien moet worden. Omdat er een symbolisch spreken van uitgaat. Dát is waarom Paulus zegt dat hij niet toelaat dat een vrouw onderwijst. Dat heeft te maken met haar rol in het grote beeldverhaal dat de schepping is. Hij zegt dat bovendien tegen een jonge gemeente, nota bene in een context waar de rollen waren omgedraaid (o.a. de Aphrodite-cultus). Het is de Man, die moet spreken. En de Vrouw die moet luisteren. Wij dus, de gemeente. Dat gaat ook over jou en mij, Huisman. We staan vrouwelijk ten opzichte van Christus.
Zitten best mooie gedachten in je bericht. Toch even over dat ten dele kennen en dat paard met oogkleppen. Gods Woord is bedoeld om te openbaren niet om te verhullen. Gisteren hebben we het Heils
feit van Hemelvaart herdacht. In Gods Woord lees ik oog en oorgetuigen van Jezus Hemelvaart. Zo is ons in Genesis 1-3 de Schepping en de zondeval geopenbaard. In deze openbaringen zit geen ‘ten dele’ kennen maar een buigen en aanbidden van Gods almacht en goedheid. Zo is ook Gods bedoeling geopenbaard hoe de omgang tussen man en vrouw moet zijn.
De HEERE heeft ook duidelijk de verwording op seksueel terrein met Zijn oordeel verbonden. Ook grijpt Paulus juist terug op de orde van de schepping en de orde van de zondeval (1 Timotheüs 11 - 15) om de positie van man en vrouw in de christelijke gemeente te ordenen. Inderdaad rechtstreeks in tegen de toenmalige cultuur waar in vele afgodentempels priesteressen dienst deden,
Dat ‘ten dele kennen’ wordt tegenwoordig misbruikt om zaken die in Gods Woord helder zijn maar volgens ons niet meer van deze tijd weg te poetsen. Terwijl de context waarin Paulus dit ‘ten dele kennen’ benoemd een andere is. (1 Korinthe 13 9 - 12) Paulus vergelijkt ons kennen in deze bedeling met het kennen in het toekomende leven. Dan zullen al Gods kinderen in volmaaktheid God kennen, Hem eren en loven. Vergeleken bij die heerlijke toekomst is ons kennen hier inderdaad ten dele. Maar dat kan en mag je niet gebruiken om het heldere Evangelie te verkleinen tot een moeilijk ingewikkeld en duister geheel waarin wij tastend ronddolen. Voor de duidelijkheid ik zeg niet dat jij dit doet broeder.
Dank je wel. En zeker, Gods Woord is bedoeld om te openbaren. Ik wijs vaak op wat Paulus schrijft in 1Kor2: 'de Geest onderzoekt alle dingen, ook de diepten Gods'. Hij schrijft echter ook dat 'de natuurlijke mens' deze dingen niet kan begrijpen. Gods Woord doet ook wel degelijk verhullen, denk aan de gelijkenissen. Christus zei hierover (Mar.4:11): 'Het is u gegeven het geheimenis van het Koninkrijk van God te kennen; maar tot degenen die buiten zijn, komt alles door gelijkenissen, opdat zij ziende zien en niet doorzien, en horende horen en niet begrijpen; opdat zij zich niet op enig moment bekeren en de zonden hun vergeven worden'. Maar dat terzijde.
Over het 'ten dele' kennen van Genesis 1-3. Laten dit toevallig net de hoofdstukken zijn waar ik al sinds mijn tienerjaren studie naar doe. Ik heb er een heel boekwerk over geschreven. Een (inmiddels gedateerde) preview,
kan je hier downloaden. Als het 'ten dele' kennen ergens in tot uiting komt, is het wel in die eerste hoofdstukken. Want wat valt hier veel over te zeggen!
De ordening waar jij over spreekt, betreft de schepping. Maar als mensen spreken over de nieuwe schepping, in Christus, dan hebben we dus te maken met een andere situatie. Het is dus maar waar je over spreekt of op wilt wijzen. Voor de gelovige zelf maakt het niet veel uit, doet het weinig meer ter zake. Die weet en ziet dat God van twee één heeft gemaakt en dat elk onderscheid is weggevallen, hoewel dit nog niet zichtbaar is voor onze ogen (het is een geestelijke werkelijkheid). Voor hem
persoonlijk is het dus niet echt een issue. Echter, de gemeente heeft een getuigenis
naar buiten toe. Zeker in de kerkvisie van de CGK, die de gemeente ziet als een gemeenschap van zowel gelovigen als ongelovigen, is dit van belang. Dan is het goed om vast te houden 'aan de goede orde', aan wat Paulus schrijft m.b.t. de positie van man en vrouw. Niet omdat het anders chaos zou worden of vrouwen niet geschikt zouden zijn, maar vanwege het beeldende getuigenis dat hier van uitgaat. Dat betekent echter óók dat uitgelegd moet worden wáárom de ambten
mannelijk zijn. En helaas zie ik dat maar heel zelden gebeuren. Ondanks de vuistdikke rapporten die er inmiddels geschreven staan, gaat het bitterweinig over de kern van de zaak: de
betekenis van man en vrouw in de schepping.
Gelukkig hebben we, zoals je al schrijft, een heerlijke toekomst. Ik zie nu al uit naar de verwondering als Hij ons openbaart wat er allemaal in Zijn Woord en in de schepping lag opgesloten.